50 tinten Zeihij.nl: Nekhernia

908

50 tinten Zeihij.nl: Nekhernia

20-11-2013 - Artikelen

Een lieve zomerse shortstory met een beetje erotiek.


duinen

foto: www.groenzo.nl

Ik was op weg naar huis, eigenlijk ben ik dat nog steeds. Toch sta ik hier nu. Ik wil wel doorlopen, mijn nek doet ondertussen al best veel pijn namelijk, maar op dit soort momenten houdt iets je tegen. Het stomme is dat ik hier nooit had gestaan als dat kindje niet tegen haar moeder had gezegd: “Kijk mama, wat heeft die man gekke kleren aan.” Mama loste het slim op door te zeggen: “Niet zo kijken, dat is onbeleefd.” Maar mijn moeder is er niet, mijn moeder zit nietsvermoedend thuis op de bank, en dus sta ik hier onbeleefd te wezen. Het is wel een verschrikkelijk lelijk balkon, bedenk ik me na zeker twintig minuten turen. Het zijn die spijltjes, eigenlijk bij elk nietszeggend balkon zie je dit soort spijltjes. Te magere lange spijltjes die ook nog eens wit geverfd zijn, alsof ze zonder die witte verf niet desolaat genoeg zijn. De oude man, naar wie ik zit te kijken, heeft wel zijn best gedaan er nog wat van te maken. Een bont, met tape vastgemaakt, windvaantje steekt trots boven de minuscule balkonrand uit. Naast het vaantje hangen drie plantenbakken met rode Geraniums. Deze man houdt wel van clichés bedenk ik me. Na zeker een halfuur dromerig naar een oude man op een balkon te hebben gekeken schrik ik wakker. Ik ken deze man. Toch? Of lijkt hij er alleen op? Het moet hem haast wel zijn. Al lijkt die neus toch wel anders. Afijn, hij doet me in ieder geval denken aan mijn vakantie op Texel drie jaar geleden.

Ik was achttien en ik ging met mijn ouders naar Texel. Ik schaam mezelf er nog steeds voor, maar ik had die week toch niks te doen en het kostte me niks. De eerste drie dagen werd ik hier dan ook genadeloos voor afgestraft. Het waren niet de pakjes appelsap bij elke pauze, het waren niet de warme plakjes boterhammenworst op de te gezonde bruine boterhammen en het was ook niet de jaloezie richting mijn pa die met een elektrische fiets de duinen bedwong, die deze dagen moeilijk maakte. Nee, het was elke dag pure angst, dat deze drie dagen een ware hel maakte. Angst dat de vele uren fietsen mijn edele delen zouden doen afknellen en uiteindelijk misschien wel doen afsterven. Angst dat ik dankzij mijn ouders de rest van mijn leven een incontinentieluier moest dragen. Dat fietsen, dat eeuwige fietsen, ik heb het nooit begrepen. Misschien is het ook wel alleen iets dat mij treft. Ik ben waarschijnlijk niet gemaakt om op een fiets te zitten of beter gezegd mijn testikels zijn niet gemaakt om op een fiets te zitten.

Gelukkig werd op de vierde dag mijn ogenschijnlijke eindeloze lijden beloond. Mijn ma kwam uiterst teleurgesteld naar me toe. “We doen vandaag geen fietstocht, het wordt een dagje bij de tent.” Ik zag ‘een dagje bij de tent’ wel zitten en ik pakte een liter cola, een klapstoel, mijn Jules Deelder zonnebril en een flinke tube zonnebrandcrème. Pontificaal voor de tent zittend besloot ik de hele dag mensen te kijken. Deze fantastische bezigheid is al jaren een grote bron van plezier voor me. Het type mensen dat op deze camping rondliep was jammer genoeg het bekijken amper waard. Ik was van plan bij iedereen een naam te verzinnen, maar na een dozijn aan Truus’en en Henk’en was de lol er wel vanaf.

Als een donderslag bij heldere hemel kwam er iemand langs die absoluut wel het bekijken waard was. Eigenlijk waren mijn ogen te min om zo’n schoonheid te mogen aanschouwen. Ondanks dat keek ik wel, ongegeneerd en met pure verwondering. Ze was mooi, maar niet standaard mooi. Ze had fragiele benen die een perfecte opmaat vormden naar een bijzonder mooie bilpartij. Ik hou van billen en deze waren echt de beste die ik ooit gezien had. Ik zag aan haar korte gerafelde spijkerbroekje dat hij het een eer vond haar bips te mogen omsluiten. Ondanks dat ik graag bij haar billen was blijven steken kijk ik toch verder omhoog. Onbedoeld is haar shirt iets omhoog geschoven, waardoor ik een klein strookje heup kan zien. Haar huidskleur deed me denken aan een perfecte mengelmoes tussen chocolade-ijs en vanille-ijs. Heel even dacht ik aan mokka-ijs, maar aangezien ik dat niet lekker vind, deed die omschrijving geen recht aan hetgeen ik hier voor me zag. Terwijl ik me indacht hoe dit ijsje hier voor mij zou smaken moest ik oppassen dat ik dit obscure likgebaar ook niet echt maakte. Uit schrik besloot ik verder omhoog te kijken. Diepblauwe ogen keken mij heel vluchtig aan, maar het was lang genoeg om te zien dat deze ogen ook van buitencategorie waren. Langzaam verdween ze uit het zicht en gehypnotiseerd bleef ik achter. Mijn hoofd meedeinend op haar heupbewegingen tijdens het lopen. Ik was verliefd en niet zo’n klein beetje ook.

Uit het niets bleek mijn vakantie een doel te hebben. Dit doel zorgde ervoor dat ik drie dagen lang voor de tent heb gezeten. Starend. Zoekend. Zonder ook maar één glimp van mijn ‘vanille-chocolade-ijsje’ op te vangen. Totdat in de verte bruin golvend haar mijn aandacht trok. Het was lastig te zien, maar dit moest haar wel zijn. Ik raakte in een ongekende concentratie. Ondertussen stond mijn moeder al aan mijn shirt te trekken. “Ik vraag je wat. Hé hallo, ik vraag je wat!” Hoorde ik vaag op de achtergrond. Het maakte niks uit, ik moest weten waar ze naartoe ging en niks ging mij daarbij tegenhouden. De tocht eindigde bij de wastafels. Opeens snapte ik waarom ik haar zo weinig zag, ik ging namelijk naar wastafels aan de andere kant van de camping, veel dichterbij. Dat moest nu dus maar veranderen. Vanaf dat moment wilde ik alle afwas wel doen. Elke dag. Ook dit hield ik langdurig vol en ook dit werd beloond.

Het was inmiddels de laatste dag van de vakantie. Ik stond weer af te wassen, maar de hoop had ik allang opgegeven. Toch stond ze er plotseling. Een wasbak naast me wel te verstaan. Ik keek opzij en twee diepblauwe keken me vol aan. Ik schrok, dat moet zij ook gezien hebben, maar ze leek er niet door van slag te raken. Doelgericht vroeg ze of ze mijn afwasmiddel mocht lenen. Ik zag het dopje van iets dat haast wel afwasmiddel moest zijn in haar boodschappentas zitten. Veel te scherpzinnig antwoordde ik: “Die zit in je boodschappentas, ik zie hem vanaf hier al zitten.” Zelden heb ik iemand zo snel van lichtbruin, naar vuurrood zien verschieten. Zonder in haar tas te kijken stotterde ze terug: “Natuurlijk, wat dom van me!” Ik wilde eigenlijk nog wat zeggen, maar ik wist niks te bedenken. Zwijgend stortte ik me weer op het afwassen en zij ook. Ik wist dat ik wat moest gaan zeggen en vlak voordat de eerste klanken mijn keel wilden verlaten begon zij te praten. “Nou ik heet dus Fleur en ik zit hier met mijn ouders op zo’n kutvakantie met alleen maar fietsen en dat soort dingen en toen zag ik jou zitten en ik was meteen verliefd en ik ga morgen weg dus vraag ik het maar gewoon wil je mee naar het strand.” Ik was verbaasd. Verbaasd dat iemand zoveel woorden achter elkaar kon zeggen zonder adem te halen en verbaasd dat ik meegevraagd werd naar het strand door het mooiste meisje dat ik ooit gezien had.

Natuurlijk zei ik ja en een uurtje later lag ik op het strand met het meisje van mijn dromen. Na een uurtje praten besloten we even een dutje te doen. Ze kwam op mijn borst liggen, dit gaf me de perfecte gelegenheid naar haar fantastische lichaam te kijken. Een zweetdruppel gleed langzaam van haar kin tussen haar borsten door naar haar navel, om daar met de andere zweetdruppels een poeltje te vormen. Ik sloot mijn ogen en dacht me in hoe fijn het zou zijn als ik die zweetdruppel was. Als ik langs haar kin, tussen haar borsten door in haar navel zou mogen eindigen. En stel dat haar navel overstroomt, dat ik dan de eerste zweetdruppel was die door mocht glijden naar al het moois dat achter haar bikinibroekje schuilgaat. Ik opende mijn ogen en begon haar langzaam over haar buik te strelen. Ze leek het fijn te vinden en ik ging voorzichtig door. Ze kwam omhoog en kust me vol op mijn mond. Haar lippen waren zacht en een beetje zoutig van het zweet, dat maakte het juist heerlijk. Overmand door lust legde ik haar op haar rug. Als een tijger hing ik boven haar. Nee, ik hing als een leeuw boven haar. Of laat ik het anders gewoon een kruising van die twee noemen. Als een lijger hing ik boven haar. Mijn hand begon bij haar kin, langzaam gleed hij naar beneden. Ik raakte stiekem allebei haar borsten een beetje aan en gleed verder naar haar navel. Bij haar navel aangekomen besloot ik die ene druppel te zijn die door mocht glijden. Ik drukte haar mooie zongebruinde buikje iets in, zodat ik onder haar bikinibroekje kon komen. Ze begon te kreunen van genot, ik voelde aan alles dat dit precies was wat ze wilde. Ik ging door, heel langzaam. Haar huid voelde nog steeds heel glad. Mijn hand gleed verder. Ik voelde de eerste stoppels. Mijn hart klopte in mijn keel van opwinding. Mijn hand ging verder. Ik realiseerde me dat het echt ging gebeuren. Ik deed mijn hand nog verder omlaag en op het moment dat ik aan mijn wijsvinger nattigheid voelde schreeuwde een man: “Hé! Dat doe je maar ergens anders. Mijn kleinkinderen lopen hier ook te spelen!”

Nou op die man. Op die man, die dat destijds zei, lijkt deze man op het balkon dus. Toch is dat niet de reden dat ik al zeker driekwartier naar hem sta te kijken. Ik weet heus wel dat dit een bejaardentehuis is. En ik weet heus wel dat deze man waarschijnlijk dementie heeft, maar ik vind het toch vervelend dat de verzorgsters er niks aan doen dat deze man naakt op zijn balkon zit.

Deel dit artikel:

Auteur avatar

| 20-11-2013